Ik denk vaak aan het oprechte geloof dat je grootmoeder Lois en je moeder Eunike hadden en dat – daarvan ben ik overtuigd – jij nu ook hebt.  

2 Timoteüs 1:5

Het gebeurt mij regelmatig dat ik na afloop van een zondagse dienst ergens in de provincie de volgende vraag krijg: ‘Ben jij er een van Peter of van Henk?’ Mijn oom is namelijk predikant geweest in stad en mijn pa in Hoogkerk. Het gebeurde ook toen ik als preekbevoegde voorging in Axel of Venlo. Nergens ben ik veilig voor deze vreselijke vraag! Wat dat betreft heb ik te doen met de arme Timoteüs. Paulus begint over het oprechte (anhupokritos) geloof van zijn moeder en oma. Maar misschien was zo’n opmerking in die tijd minder erg. Als kind van mijn tijd wil ik authentiek zijn en niet in het familiehokje van ‘Peter’ of ‘Henk’ gedrukt worden.

Als het gaat over ‘er op uit gaan’ (deze week de levensles bij het project 40dagen hier & nu) is oprecht en authentiek geloof belangrijk. We nemen graag iets aan van oprechte, enthousiaste mensen als Erik Scherder of Freek Vonk. Zij kunnen begrijpelijk en inspirerend over hun passie vertellen. Wat zou het mooi zijn wanneer dat jou en mij ook lukt bij het doorgeven van het geloof! Jongeren (en ouderen net zo goed) in de kerk prikken zonder moeite door ‘gewoontes’ van de oudere generaties heen. Het is niet echt! Je gelooft, bidt of gaat naar de kerk omdat je ouders je dat zo geleerd hebben! Wie wil daar nu aan mee doen?!

Toch zit er ook een keerzijde aan deze benadering. We kunnen namelijk lang niet allemaal aan dit beeld voldoen. Vertrouwen gaat onherroepelijk met vallen en opstaan. Het is belangrijk om ruimte te blijven geven aan twijfel en onzekerheid. Ik twijfel er niet aan of het geloof van Timoteüs en Paulus is oprecht geweest. Ze waagden hun leven voor het volgen van Jezus. Dat doe je niet voor de goede sier. Tegelijk kan Paulus in andere brieven ook eerlijk vertellen over lijden, moeite en tegenslag. Niet voor niets zegt Paulus dat het oprechte geloof in Timoteüs ‘woont’ (!). Oprecht geloof is dus niet perfect en ook geen prestatie, maar een gave waar je de Geest om mag vragen. Je mag er ook op uit gaan met een houtje-touwtje-geloof.

De NBV-vertaling ‘oprecht geloof’ doet me ook denken aan een uitdrukking van de schrijver Frans Kellendonk (1951-1990). Op de middelbare school las ik zijn boek ‘Mystiek Lichaam’, na een tip van mijn moeder. Daarna hoefde ik in literatuurverslagen nooit meer te doen alsof ik een boek gelezen had. Hij kwam met de uitdrukking ‘oprecht veinzen’. Te kort door de bocht gezegd komt het er op neer dat je verlangt naar geloven in God omdat je er de noodzakelijkheid van inziet (een verband, geborgenheid, zin en doel, moreel kompas, structuur e.v.a.), maar dat het je niet echt lukt. Oprecht veinzen is dan een manier om die waarden vast te blijven houden zonder overgave.

Het gaat te snel om dit als onoprecht aan de kant te schuiven. Iemand als C.S. Lewis zegt dat als je iemand wilt liefhebben je maar gewoon moet doen alsof je diegene liefhebt en dat je na verloop van tijd diegene ook daadwerkelijk gaat liefhebben. Of wat dacht je van deze van Blaise Pascal: ‘handel alsof je gelooft, gebruik wijwater, laat missen lezen en het innerlijk zal weldra volgen’.

Van deze dagtekst leer ik dat oprecht geloven iets is wat je alleen biddend mag ontvangen van de heilige Geest en van Pascal en Lewis dat ‘oprecht veinzen’, het doen van rituelen (een ritueel is in mijn boek iets anders dan een gewoonte) als lezen, bidden en kerkgang mij kan helpen om mijn innerlijk steeds meer aansluiting te laten vinden bij de gecommuniceerde inhoud (lees: het evangelie) van het ritueel.
Ook dat is oprecht geloof.

 

Er is niets mis met bidden, bijbellezen en kerkgang uit gewoonte

Created with Perfect Survey

Statistics - View the results

 

Luisterlied: The National, Fake Empire:

 

Podcast van de dag (40dagenhierennu.nl):